Wet aanpassing bestuursprocesrecht - het relativiteitsvereiste

2013-04-16 |

Het relativiteitsvereiste

Vanaf 1 januari 2013 is de Wet aanpassing bestuursprocesrecht in werking. De belangrijkste aanpassing is de invoering van het zogenoemde relativiteitsbeginsel. Het relativiteitsbeginsel houdt in dat een belanghebbende in een procedure bij de bestuursrechter alleen nog een beroep kan doen op regels en bepalingen die strekken tot bescherming van zijn eigen belangen.

Zo kan een concurrerende detailhandelaar zich bij de bestuursrechter nog wel beroepen op het toenemen van de parkeerdruk als gevolg van een grootschalige ontwikkeling, maar niet meer op de aantasting van flora en fauna in de omgeving als gevolg van die ontwikkeling.

Wat betekent het relativiteitsvereiste voor u?

Door invoering van het relativiteitsvereiste is het voor partijen die het niet eens zijn met een besluit moeilijker geworden om dat besluit bij de bestuursrechter te laten vernietigen.

Het relativiteitsvereiste: waar kunnen wij u bij helpen?

Tot 1 januari 2013 was het relativiteitsvereiste al opgenomen in de Crisis- en Herstelwet (Chw) en gold het vereiste al voor kwesties waarin de Chw van toepassing was. Over de toepassing van dit relativiteitsbeginsel zijn er daarom al gerechtelijke uitspraken gedaan. Met de kennis van deze uitspraken kunnen wij u adviseren over de vraag in hoeverre een bezwaar er toe kan leiden dat een besluit bij de rechter vernietigd wordt.

Door Maarten Kamp, advocaat bestuursrecht bij Blumstone.

Meer weten?

Terug

Bel direct op: 020 - 612 18 06

Of stuur een email

captcha